Oude aardappelrassen in de strijd tegen ziekten en plagen

De Nederlandse aardappel is een geliefd onderdeel van de maaltijd. Met meer dan negenduizend aardappeltelers is Nederland ook één van de belangrijkste aardappel producerende landen ter wereld. Maar de aardappel is een gevoelig gewas: ziekten en plagen liggen op de loer. De oplossing: wilde aardappelsoorten!

De aardappel is een oer-Hollands product. Door onze eeuwenlange traditie van verbouwen en ontwikkelen van aardappelen, het gematigde zeeklimaat, de kwaliteit van de teeltgronden, het hoge kennispeil en door de specialisatie van de aardappeltelers is de Nederlandse aardappel wereldberoemd.

Er wordt jaarlijks zo’n 8 miljoen ton aan aardappelen in Nederland geproduceerd. Ongeveer 50 procent hiervan betreft consumptieaardappelen, 20 procent pootaardappelen en 30 procent zetmeelaardappelen. Nederland exporteert ruim 1 miljoen ton  (exclusief zetmeel) naar landen binnen en buiten Europa. Ongeveer 2,5 miljoen gaat naar de aardappelverwerkende industrie, die er aardappelproducten als chips en patat van fabriceert. De rest is voor de binnenlandse consumptie.

Bedrijven in de veredeling en verwerking van aardappelen hebben zich sinds 2017 verenigd in Holland Innovative Potato (HIP).  Deze bedrijven investeren met elkaar in onderzoek naar een duurzame aardappelketen. “Er is in de hele keten een gezamenlijk belang: ervoor zorgen dat Nederland de place-to-be blijft als het gaat om de aardappel”, vertelt coördinator Bernard de Geus. “Er liggen problemen op ons bord die je niet alleen oplost. Samenwerking loont.”

Aardappelziekte
Eén van die problemen zijn de ziekten en plagen die de Nederlandse aardappel teisteren. Om de planten te beschermen, maakt de sector gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Vijand nummer één is de aardappelziekte Phytophthora. Deze moet tijdens de teelt bestreden worden om te voorkomen dat het gewas ziek wordt en de oogst verloren gaat. “We maken als sector nu nog gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen tegen ziekteverwekkers. Dat kan en moet anders”, aldus De Geus.

Genenbank
Met HIP doet Wageningen University & Research (WUR) onderzoek naar wilde aardappelsoorten. Deze soorten bevatten genen die gebruikt kunnen worden om aardappelen resistent te maken tegen ziekten en plagen. Door wilde soorten te gebruiken in veredeling is het mogelijk om in de toekomst aardappelen te telen waarbij minder gewasbeschermingsmiddelen nodig zijn om ziekten en plagen te bestrijden.

De onderzoekers zijn in de aardappelgenenbank gedoken, waarin cultuur- en wilde aardappelrassen uit de hele wereld opgeslagen zijn. En met resultaat. “In de eerste analyse zijn al enkele bruikbare wilde soorten gevonden met resistentiegenen tegen onder andere de coloradokever. Deze wilde soorten worden verder onderzocht en de bij HIP aangesloten veredelingsbedrijven kunnen deze kennis gebruiken om nieuwe rassen te ontwikkelen.”

Een van de partners in HIP is de Nederlandse Aardappel Organisatie.  Directeur Dick Hylkema – en voorzitter van het HIP-bestuur – ziet veel waarde in de ketensamenwerking: “Doordat we dit onderzoek met elkaar en pre-competitief doen, hoeft niet ieder bedrijf het wiel zelf uit te vinden en kunnen we als sector sneller stappen zetten.” Met deze nieuwe resistentiesoorten neemt het middelengebruik af. Maar met minder chemische middelen in combinatie met extremere temperatuur- en neerslagverschillen door klimaatverandering, liggen er helaas ook weer andere ziektes en plagen op de loer. “Daar moeten we als sector ook een antwoord op hebben. We zijn nog lang niet klaar”, aldus Hylkema.

Pijplijn
Maar de resistente aardappelgewassen zitten in pijplijn. Dat is goed voor de Nederlandse aardappel, maar ook voor de aardappelteelt wereldwijd. De Geus: “De aardappel is na rijst en graan één van de grootste voedselgewassen in de wereld. Bij de teelt verbruikt de aardappel veel minder water dan rijst en hij kan op veel meer plekken en onder lastige omstandigheden groeien. Daar komt nog bij dat de aardappel een hoge voedingswaarde heeft en erg gezond is. Rijst en graan zijn een belangrijke bron van energie maar niet van stoffen als vitaminen en kalium, de aardappel is dat wel. Dus nu de bevolking groeit en we beter en gezonder moeten eten, is de aardappel ideaal. Daarom moeten we met volle kracht vooruit als het gaat om de resistente en duurzaam te telen aardappel.”

De vereniging Holland Innovative Potato bestaat uit Farm Frites. Pepsico, HZPC, Solynta, McCain, Aviko, Aardevo, Bejo, LambWeston, Averis, Meijer Potato, de Vereniging voor Aardappelverwerkende Industrie en de Nederlandse Aardappel Organisatie.

Terug