Een goede start voor jonge konijnen en jonge konijnenhouders

Een goede start voor jonge konijnen en jonge konijnenhouders

Organisatie-onderdeel

WR-cap AF

Projectcode

LWV20292

MMIP

Landbouw, Water, Voedsel>D. Gewaardeerd, gezond en veilig voedsel>D3. Veilige en duurzame primaire productie

Startdatum

01/01/21

Einddatum

31/12/26

Samenvatting

De lopende toekomstverkenning (LTO, 2020) constateert dat in de konijnenhouderij veel bereikt is op het gebied van dierenwelzijn. Tegelijkertijd ziet de konijnensector dat de maatschappij aandacht vraagt voor de zorg van jonge dieren. Voorts wil de sector investeren in toekomstperspectief voor jonge ondernemers. Hieraan wordt invulling gegeven in een best practices proeftuin (met onderzoeks-ondersteuning en opvolging) waarin 8 jonge konijnenhouders de handen ineenslaan om de jongdierzorg op een hoger plan te tillen. Dit wordt gedaan vanuit de overtuiging dat een goede start van de dieren zich uitbetaalt in de toekomst van deze ondernemers als ook de hele konijnenhouderij. Hiervoor verzamelen, ontwikkelen en toetsen ze varianten in de verzorging (m.n. nestkastmanagement en voedsterondersteuning) en gaan aan de slag met innovaties op het boerenerf die werkelijk verschil maken in jongdiergezondheid/sterfte. Dit gebeurt per thema in een vaste cyclus waarin praktijk en wetenschap in elkaar grijpen: kiezen, bespreken, onderbouwen, toetsen, evalueren, delen. De initiatiefnemers benutten de samenwerking om enkele toekomst-thema’s te verkennen om van daaruit gezamenlijk een praktische langetermijn-toekomstvisie op de konijnenhouderij te formuleren. Dit moet bijdragen aan de verbetering van de zekerheid qua richting investeringen (type parken, grootte van de evt. welzijnskooien). Al met al ontstaat er verbeterde en vastgelegde duidelijkheid qua expertise & werkmethoden en zicht op lange termijn-toekomstmogelijkheden voor alle (ook de gewenste nieuw-intredende) konijnenhouders.

Doel van het project

Het project richt zich vooral op het verbeteren van de overleving van pasgeboren dieren en het spenen van sterkere konijnen. Hierbij ligt de aandacht op zowel de vitaliteit van de jongen, de kwaliteit van het nest en de moedereigenschappen van de voedster. Daarnaast heeft het project als doel om jonge konijnenhouders sociaal-economisch te ondersteunen. Het project draagt daarbij mee aan prioriteit 28 van de missie Gewaardeerd, gezond en veilig voedsel vraagt letterlijk om “extra aandacht voor gezondheid en welzijn” en stelt dat “verduurzaming van de veehouderij en verdienvermogen van de boer hand in hand dienen te gaan om een vitale, toekomstbestendige veehouderij te realiseren”. Dit is exact de oriëntatie van huidig initiatief, waarbij voor gezondheid en welzijn de focus gelegd wordt op de eerste levensfase (jongdierzorg als goede start), en vult de toekomstverkenning voor de jonge ondernemers dit aan qua vitaliteit aan door in beeld te brengen hoe het (hier langetermijn-) verdienvermogen geborgd kan worden.

Relatie met missie (Motivatie)

Dit project onderscheidt zich van andere sectoren omdat onderbouwde, geformaliseerde kennis voor de konijnenhouderij wereldwijd beperkt is, en te weinig rekening houdt met de Noordwest-Europese maatschappelijke omgeving (m.n. de huisvestingsvorm die meer ingericht is op qua dierenwelzijn en het restrictievere antibioticagebruik). Er zijn in de konijnenhouderij bij ons weten geen vergelijkbare initiatieven die de specifieke vraagstelling (vermindering jongdiersterfte, betere jongdierzorg) gestructureerd aanpakken.

Geplande acties

Het belangrijkste eindresultaat is zowel 1) een set getoetste mogelijkheden (best practices en innovaties) qua jongdierzorg die bedrijfsspecifiek ingezet kunnen worden in de Noordwest-Europese context en middels een handboek jongdierzorg in de konijnenhouderij uitgedragen kunnen worden als 2) verdere bewustwording van de zorg-verantwoordelijkheden van de dierhouder.

Voor dit project volgt onderstaand tijdschema:
Jaar 1&2:
• ‘Projectopstart ;
• jaarlijks drie cycli ‘Jongdierzorg + twee avonden ‘Familiebedrijf in de toekomst’ ; sectorbrede bespreking ; ‘
• Eind 2021: ‘Werkt dit?’: evaluatie en bijstuurmoment
• Eind 2022: Beslismoment: Verder met de thema-cyclus of alternatieve invulling (b.v. ontwerpateliers en/of een meer klassieke onderzoeksinvulling).

Jaar 3
• Afhankelijk van beslismoment eind 2022: Voortzetting van de themacyclus (huidige voorkeur) OF experimenteel/deskwerk ; voortzetten van de studieavonden Toekomst Familiebedrijf en van de sectorbrede resultaatevaluatie

Jaar 4
• Integratie & vastlegging. Naar verwachting met een experiment, een toekomstvisie en een bundel ‘Jongdierzorg'

Naam projectleider

Karel de Greef