Fokdoelen en runderrassen voor natuurinclusieve kringlooplandbouw

Fokdoelen en runderrassen voor natuurinclusieve kringlooplandbouw

Organisatie-onderdeel

WR-cap AF

Projectcode

LWV20175

MMIP

Landbouw, Water, Voedsel>A. Kringlooplandbouw>A5. Biodiversiteit in de kringlooplandbouw

Startdatum

01/01/21

Einddatum

31/12/26

Samenvatting

Natuurinclusieve rundveehouders, waarvoor behoud van biodiversiteit een hoofddoel is, hebben behoefte aan passende rassen. De eigenschappen van de runderen (fokdoel) moeten optimaal afgestemd zijn op het bedrijfssysteem. Relaties tussen biodiversiteitsindicatoren, bedrijfskenmerken, dierprestaties en verdienmodellen voor de veehouder worden op bedrijfsniveau in kaart gebracht en geanalyseerd. Kennis en ervaringen worden uitgewisseld in regionale netwerken en studiegroepen.

Doel van het project

Het project dient als inspiratie en kennisleverancier voor melkveebedrijven die een (meer) natuurinclusieve bedrijfsvoering nastreven. Optimalisatie van het gehele bedrijfssysteem is het uitgangspunt. Het project levert bouwstenen en inspiratie op voor de verdere ontwikkeling van een natuurinclusieve melkveehouderij in Nederland. Dit project draagt hieraan bij door een integrale aanpak van dier, bedrijf en omgeving te verbinden. Door de kenmerken en de prestaties van natuurinclusieve kringloopbedrijven in kaart te brengen en te monitoren kan specifieke invulling worden gegeven aan de transitie naar een duurzame landbouw.

Relatie met missie (Motivatie)

De transitie naar natuurinclusieve kringlooplandbouw is een belangrijk ontwikkelingsspoor voor de rundveehouderij in Nederland. Biodiversiteit is breder dan het aantal weidevogels en wildakkers, het biedt ook kansen voor een grotere variatie aan runderrassen. De kennis over het type koe (fokdoel/ras) dat goed past in een natuurinclusieve of extensievere vorm van rundveehouderij is echter beperkt. Het project genereert nieuwe kennis dat kan bijdragen aan behoud van genetische diversiteit voor de toekomstige veehouderij, en aan het behoud van agrobiodiversiteit en bio-cultureel erfgoed. Dit is in lijn met internationale verplichtingen die de Nederlandse overheid zijn aangegaan.

De LNV Visie Kringlooplandbouw, het deltaplan Biodiversiteitsherstel, en internationale afspraken over behoud en duurzaam gebruik van genetische bronnen (CBD, FAO, EU) benadrukken het belang van optimale benutting van genetische diversiteit voor een variatie aan landbouw- en agro-ecosystemen.
Het maatschappelijke belang van de transitie naar een landelijk gebied met meer biodiversiteit en meer genetische diversiteit (rassen) in natuur en landschap is groot.

Naam projectleider

Sipke Joost Hiemstra