Masterplan Fusarium (WP1-WP3-WP4)

Masterplan Fusarium (WP1-WP3-WP4)

Organisatie-onderdeel

WR-cap TU

Projectcode

1605-079

MMIP

Landbouw, Water, Voedsel>A. Kringlooplandbouw>A2. Gezonde, robuuste bodem en teeltsystemen gebaseerd op agro-ecologie en zonder schadelijke emissies naar grond- en oppervlaktewater

Startdatum

01/01/18

Einddatum

31/12/20

Samenvatting

Fusarium staat in de top vijf van de meest bedreigende plantenziekten ter wereld. De chemische bestrijding is lastig omdat middelen tegen Fusarium een relatief lage effectiviteit hebben. Daarnaast zijn een aantal middelen niet toegelaten of komen op termijn te vervallen (bijvoorbeeld thiofanaat-methyl wat eind 2021 van de markt gehaald wordt is een van de weinige relatief effectieve middelen tegen Fusarium). In Nederland zijn de problemen met Fusarium de afgelopen jaren sterk toegenomen in zowel sierteelten als chrysant, gerbera, lisianthus en potorchidee, maar ook in (bedekte) groenteteelten zoals sla, komkommer en tomaat. Problemen in de slateelt zijn zelfs zo ernstig dat een groot deel van de telers geheel of gedeeltelijk gestopt is met slateelt in de grond of overgeschakeld naar een teelt op water. Binnen het Masterplan Fusarium wordt gewerkt aan (1) verbeterde diagnostiek van de betrokken pathogenen, waardoor (2) een beter beeld gekregen kan worden van de epidemiologie van deze pathogenen en effecten van hygiënemaatregelen en er wordt gekeken naar (3) de mogelijkheden van biologische bestrijding binnen het weerbare telen.

Doel van het project

Het Masterplan Fusarium beoogt een solide kennisbasis te vormen voor het oplossen van de Fusarium problematiek in meerdere teelten. Deze kennisbasis bestaat uit drie pijlers, namelijk (1) Diagnostiek in de keten, (2) Epidemiologie en (3) Biologische bestrijding binnen het weerbaar telen. In het onderdeel Diagnostiek wordt aandacht besteed aan alle gewassen ingebracht door de partners: chrysant, gerbera, lisianthus, phalaenopsis en sla. Het onderdeel Epidemiologie is m.n. gericht op drie modelgewassen: chrysant, lisianthus en potorchidee. Bij de biologische bestrijding gaat de meeste aandacht uit naar lisianthus en potorchidee. Uiteindelijke doel van het Masterplan is kennis te verzamelen die in meerdere sectoren/teelten gebruikt kan worden en de kennis uit alle drie deze WPs zal worden geëxtrapoleerd naar de overige teelten binnen dit project.

Relatie met missie (Motivatie)

MMIP A2: Gezonde, robuuste bodem en teeltsystemen gebaseerd op agro-ecologie en zonder schadelijke emissies naar grond- en oppervlaktewater
Een geïntegreerde aanpak van belangrijke ziektes zoals Fusarium is van belang om tot teelten te kunnen komen zonder schadelijke chemische middelen. Daarvoor is van belang te weten welke pathogenen de belangrijkste veroorzakers zijn van de problemen in een teelt en hoe deze met aan de pathogeen ’s epidemiologie aangepaste maatregelen op het gebied van hygiëne en door middel van teeltmaatregelen beperkt kunnen worden.

Geplande acties

WP 1. Diagnostiek in de keten
• Survey van Fusarium pathogenen op sla, chrysant, gerbera, lisianthus en phalaenopsis: overzicht per teelt van de voorkomende Fusarium pathogenen en hun voorkomen. (uitgevoerd)
• Cultuur collectie opgebouwd van Fusarium pathogenen en niet-pathogenen. (uitgevoerd)
• Moleculaire karakterisatie: Genoomanalyses pathogenen vs. net-pathogenen: Selectie stammen voor NGS sequensing, annotatie van genomen, identificatie van effectoren specifiek voor een pathogeen. (uitgevoerd)
• Differentiatie: Selectie pathogeen/fysio-specifieke merkers; ontwikkeling diagnostiek (Taqman). (uitgevoerd)
WP 2. Epidemiologie
Op bedrijfsniveau
• Identificatie besmettingsroutes per pathogeen via plantmateriaal, grond/substraat, (circulaire) waterstromen en/of lucht. (uitgevoerd)
• Adviezen voor beperking per teelt en besmettingsroute. (uitgevoerd)
Op plantniveau
• Screening voor agressiviteit met wild-type isolaten. (uitgevoerd)
• Transformatie van geselecteerde isolaten met groen/rood fluorescente labels. (uitgevoerd)
• Bestudering infectieproces in de plant. (uitgevoerd)
WP 3. Biologische bestrijding binnen het weerbaar telen
• Bioassays ontwikkeld voor lisianthus (grondgebonden teelt) en phalaenopsis (substraatteelt), verschillende groeistadia. (uitgevoerd)
• Selectie van meest pathogene isolaten voor biotoetsen. (uitgevoerd)
• Biotoetsen met middelen en maatregelen tegen Fusarium (in herhalingen) met bestaande en nieuwe producten/maatregelen om pathogeen via aanpassingen in plantweerbaarheid, bodemweerbaarheid of door gebruik van biopesticiden tegen te houden. Per teeltsysteem selectie behandelingen met positieve werking op de beheersing van Fusarium. (uitgevoerd)
• Middelentoetsen op praktijkschaal. (uitgevoerd)