Weerbaar teeltsysteem 2024 – casus Aardbei

Weerbaar teeltsysteem 2024 – casus Aardbei

Organisatie-onderdeel

WR-cap TU

Projectcode

LWV19180

MMIP

Landbouw, Water, Voedsel>A. Kringlooplandbouw>A2. Gezonde, robuuste bodem en teeltsystemen gebaseerd op agro-ecologie en zonder schadelijke emissies naar grond- en oppervlaktewater

Startdatum

01/04/20

Einddatum

31/03/24

Samenvatting

Het doel van dit project is om de afhankelijkheid van de aardbeisector van chemische gewasbeschermingsmiddelen drastisch te verminderen, volgens een systeemaanpak voor weerbare en robuuste teeltsystemen. Hierbij is een ketenaanpak essentieel omdat keuzes in de ene fase gevolgen hebben voor de volgende teeltfase. Daarom worden onderdelen van de systeemaanpak telkens in de context van de keten stekproductie – plantenopkweek – aardbeiproductie ontwikkeld. Optimale teelt is de basis, zowel voor de situatie dat alle teeltfasen in de kas plaatsvinden als ook voor de situatie dat opkweek en productie buiten plaatsvinden op het trayveld en op stellingen. Daarnaast werken we aan verhogen van de substraat- en plantweerbaarheid tegen ziekten (focus Phytophthora) en plagen. Voor de teelt buiten zal ook gewerkt worden aan een meeldauwpreventiemodel. Good en best practices aangevuld met resultaten uit dit project zullen in praktijksetting worden getoetst, om zo telen met drastische verminderde chemie dicht bij de eindgebruikers (betrokken telers, plantenkwekers en toeleveranciers) te brengen.

Doel van het project

De huidige aardbeiteeltsystemen kennen een aantal serieuze knelpunten: een hoog gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, residuen van middelen op vruchten (mogelijke cocktaileffecten), en emissies van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen naar het milieu. Binnen het LNV onderzoeksprogramma Groene Gewasbescherming en Bestuivers worden weerbare en robuuste teeltsystemen ontwikkeld voor de lange termijn (>2030), o.a. voor aardbei (met teelt uit zaad, op steenwol, in de kas). Met deze PPS wordt een preventieve (biologische) systeemaanpak ontwikkeld voor de hele keten van vermeerdering, plantopkweek en productie, om afhankelijkheid gewasbeschermingsmiddelen drastisch te verminderen. Verkregen kennis is toepasbaar op de korte termijn (3-5 jaar) in de belangrijkste aardbeiteeltsystemen. Dit onderzoek sluit naadloos aan bij het deelprogramma “Slim inrichten van weerbare plantaardige productie systemen” van missie 2A door zich te richten op ‘integrale ontwikkeling van het totale weerbare, robuuste teeltsystemen’ (prioriteit 1).

Relatie met missie (Motivatie)

De aardbeisector is relatief nieuw in de glastuinbouw en het areaal breidt zich nog steeds uit. Dit geeft een vitale sector die bereid is te investering in de toekomst door te werken aan duurzame oplossing van uitdagingen in de gewasbescherming.

Geplande acties

De verwachte resultaten zijn hieronder opgesomd. Onderzoek naar 1 tm 5 start in het eerste jaar, maar eindresultaat kan pas aan het einde van de het project (2024) worden verwacht. Integratie (6) zal plaatsvinden in 2022 en 2023.

1. De teelt van aardbei op nieuwe substraattypes (o.a. steenwol) en onder glas is geoptimaliseerd en is daarmee een goede basis voor een weerbaar teeltsysteem
2. Het trayveld teeltsysteem is herontworpen waarbij intrinsieke knelpunten rond bodempathogenen (Phytophthora o.a.) in de opkweek zijn opgelost, waardoor ook de productieteelt op stellingen een schone start heeft.
3. Voor de substraten kokos/veen en steenwol is bekend welke micro-organismen en andere substraattoevoegingen bijdragen aan een verhoogde weerbaarheid tegen bodemziekten in aardbei, en hoe en wanneer deze het beste worden ingezet. Ook is bekend in welke mate een verhoogde substraatweerbaarheid bijdraagt aan een verhoogde weerbaarheid tegen bovengrondse ziekten (meeldauw) en plagen
4. Er is inzicht in welke maatregelen (UV-B, elicitors) de plantweerbaarheid tegen plagen in aardbeiteeltsystemen kunnen verhogen, en hoe deze het beste ingezet kunnen worden (dosering, timing in relatie tot risicovolle periodes, werkingsduur in keten), en of en hoe dit gecombineerd kan worden met de inzet van natuurlijke vijanden.
5. Er is een Meeldauw Preventiemodel en een beheersplan voor meeldauw en vruchtrot opgesteld voor de keten stekproductie kas-trayveld-productie op stellingen.
6. Bruikbare resultaten zijn in en door de praktijk geïntegreerd getoetst en gedemonstreerd in de onderzochte teeltsystemen (stekproductie/opkweek/productie allen in kas, en stekproductie kas/trayveld/productie op stellingen). In andere aardbei teeltsystemen (met name vollegrond) zijn bestaande good en best practices gedemonstreerd, waar mogelijk aangevuld met bruikbare resultaten.

Naam projectleider

Ellen Beerling