Project Klimaatrobuust waterbeheer voor Friese zandgebieden – op zoek naar de juiste balans.

Projectnummer
LWV20260

Missie
C. Klimaatbestendig landelijk en stedelijk gebied

MMIP primair
C1. Klimaatbestendig landelijk gebied voorkomen van wateroverlast en watertekort

MMIP secundair

Startdatum project
01-01-2021

Einddatum project
31-12-2026

Projectleider
Idse Hoving

Website

Status project

Samenvatting project
Het waterbeheer in Nederland is traditioneel gericht op het snel afvoeren van regenwater en
het laag houden van slootwaterpeilen, voornamelijk in de winterperiode. Echter,
klimaatverandering dwingt waterbeheerders en agrariërs om andere vormen van
waterbeheer te vinden, met name om langdurige perioden van droogte in het voorjaar en de
zomer op te vangen. De uitdaging is daarom om het regenwater langer vast te houden in
natte perioden, en daarbij een betere balans te vinden tussen wateroverlast (voor de
landbouw) en droogteschade (voor landbouw en natuur). Dit vergt maatwerk en een goede
afstemming tussen verschillende stakeholders, zoals waterschap, boeren, terreinbeherende
organisaties, burgers en belangenverenigingen. In dit project wordt voor de zandgronden in
NO en ZO Fryslân een robuuster inrichting van waterbeheer ontwikkeld die zowel de
landbouw als de natuur klimaatbestendiger maakt, oftewel minder gevoelig voor
droogteschade zonder dat de schade door wateroverlast onacceptabel toeneemt.

De vraag is hoe groot het effect van het meer vasthouden van water is op hydrologie,
landbouw en natuur. In Friesland zijn verschillende maatregelen al modelmatig verkend op
de schaal van de gehele provincie, maar vertaling hiervan naar kleinere schaalniveaus en
daadwerkelijke effecten is een lastige. Ondertussen lopen verschillende veldproeven om de
effecten van water vasthouden op landbouw te bepalen. Deze projectaanvraag richt zich op
het dichten van het gat tussen grootschalige modelverkenningen en praktijkproeven te dichten. Dit doen we door de effecten van verschillende maatregelen op hydrologie,
landbouw en natuur te monitoren en kwantificeren. Deze informatie uit praktijkproeven op
perceelschaal dient als input voor het neerschalen van de bestaande modelberekeningen.
Op basis hiervan worden de resultaten van praktijkproeven geëxtrapoleerd naar grotere
schaal. Hierdoor wordt ook duidelijk wat de effecten op natuur zijn. Nieuw is dat hydrologie,
landbouw en natuur in ruimtelijke samenhang worden onderzocht.

Doel van het project

Relatie met missie/motivatie

Geplande resultaten

Terug