Verbreding praktijktoepassing IPM-vogelmijt

Projecttitel: Verbreding praktijktoepassing IPM-vogelmijt
Projectnummer: KOM20008
Projectpartners: ABZ Diervoeding, AERES Groep, AviVet, AgriFirm, Fonds voor Pluimveebelangen, Gebr. Van Beek, Wageningen University & Research
Projectleider: Thea van Niekerk
Missie: Gewaardeerd, gezond en veilig voedsel
MMIP
: D3 – Veilige en duurzame productie

Eind 2019 is het project MIP-Aanpak vogelmijt afgesloten. In ditsuccesvolle project is onder andere gewerkt aan een duurzame manier om vogelmijt op legpluimveebedrijven te beheersen. Er is daarbij gebruik gemaakt van de in de plantenteelt ontwikkelde en succesvolle IPM-methodiek (Integrated Pest Management). Deze methodiek richt zich op een gestructureerde aanpak van preventie via monitoring naar bestrijden en evaluatie van de handelingen. Bij een goede uitvoering wordt de mijtendruk laag gehouden en het gebruik van middelen geminimaliseerd. Met een groep van 10 pluimveehouders is de systematiek voor de pluimveehouderij praktijkrijp gemaakt. In het met en door pluimveehouders ontwikkelde vogelmijtbedrijfsplan worden voor alle stappen van IPM concrete tips en maatregelen benoemd, die pluimveehouders kunnen toepassen op hun bedrijf. Tevens is er een E-learning cursus ontwikkeld en bestaat er via PEC de mogelijkheid tot een maatwerk cursusIPM-vogelmijt. Alle betrokken partijen zijn van mening dat de resultaten van dit project vragen om een vervolg. De introductie van IPM is goed verlopen, maar verdere actie is noodzakelijk voor een brede toepassing in de praktijken daarmee het ontwikkelen van meer kennis van en ervaring met deze aanpak. Een van de benoemde vervolgstappen als follow up van het project was dan ook: aandacht vasthouden voor beheersing vogelmijt en verbreding van de toepassing van IPM. Blijvende aandacht voor vogelmijtbeheersing onder de deelnemers (en in de sector als geheel), na afloop van dit project, is niet vanzelfsprekend. Continuïteit is van groot belang en de verdere implementatie van de projectresultaten dient te worden gestimuleerd en ondersteund. Allereerst dient er verbreding plaats te vinden in het aantal pluimveehouders dat IPM toepast. Zeker gezien het belang van preventie van insleep dient de aanpakte worden ondersteund door: opfokorganisaties, pluimveedierenartsen,veevoederindustrie, eierhandelaren, ongediertebestrijders, vang- en entploegen, reinigings-en ontsmettingsbedrijven en mesthandelaren. Verbreding naar andere deelsectoren, waar vogelmijten een probleem kunnen zijn of die voor insleep kunnen zorgen is daarbij het streven. Gedacht kan worden aan opfok moederdieren, moederdieren, opfok leg en leghennen.